13. Reacties van de Mekkanen op de komst van de Islam – Seerah Series

Leestijd: 11 minuten

Oud Mekka old Mecca

13.1 De eerste periode zonder openbaring

In de eerste drie jaar na de openbaring kwamen de moslims in het geheim bij elkaar zodat er een hechte band gecreëerd werd en clashes voorkomen werden. Na de eerste openbaringen was er een periode van twee en een half tot drie jaar zonder nieuwe openbaringen. De eerste openbaringen waren zo zwaar en krachtig dat deze stilte van openbaringen als een rust en herstel was, er ontstond tevens een verlangen naar de volgende openbaringen.

Onder de Arabieren was het gangbaar dat als je liefde voor iemand koesterde, je die niet bij zijn of haar naam noemt maar met woorden die de toestand beschreven waarin je je bevindt. Er was een kleine onenigheid tussen Ali en Fatima en de Profeet ﷺ liep naar Ali en zag dat hij aan het slapen was op de grond in de moskee op het zand. De Profeet ﷺ veegde het zand van Ali en noemde hem “O, vader van het zand” al lachende en vegende. Net zo noemde Allah (swt) de Profeet ﷺ: “O Jij die je in een kleed hebt verwikkeld. Sta op en vertel de mensen dat er één God is. En wees in een staat van reinheid van kleding (Sura al Mudathir).” Dit omdat de Profeet ﷺ een Jemenitisch kleed aan had ten tijde van deze openbaring na lange tijd.

13.2 De Profeet ﷺ nodigt als eerste zijn familie uit tot de Islam

Zo ontstond het moment om tot de Grootsheid van Allah (swt) op te roepen en dat de mensen zich moeten reinigen. Toen was Ali tien jaar en werd door de Profeet ﷺ bij hem geroepen om de meest invloedrijke mensen van Mekka bijeen te roepen. Er was vlees, jus en melk klaargezet voor ongeveer 45 genodigden. Het was eten dat eigenlijk niet eens genoeg leek te zijn voor één persoon. De Profeet ﷺ liet hen allen zitten en de Profeet ﷺ nam een klein stukje brood in zijn heilige mond en zette het terug in de jus waarna hij aankondigde dat men kon eten. Het eten verminderde niet terwijl iedereen zijn buik vol at en zo ook met de melk. De genodigden raakten onder de indruk en zagen de wonderen. Toen zij klaar waren met eten zei de Profeet ﷺ: “Ik heb jullie hier met een bepaalde doel bijeengeroepen. Aanbid alleen één God en Ik ben Zijn Rasool”. Tot driemaal toe werden mensen bijeengeroepen.

Abu Lahab had al door dat wonderbaarlijke zaken gebeurden en dat de Profeet ﷺ de boodschap wilde verspreiden. Nog voordat de Profeet ﷺ het woord wilde voeren zei Abu Lahab dat de Profeet ﷺ de mensen probeerde te misleiden met tovenarij. De Profeet ﷺ zei tegen Ali: “deze persoon heeft mij niet mijn woord laten voeren”. Zij werden toen weer uitgenodigd en wederom gebeurden er wonderlijke dingen. Maar ook dit keer bracht Abu Lahab vuilspraak. Er werd gezegd dat de Profeet ﷺ het voor zijn eigen familie moest doen en niet openbaar. De derde keer lukte het wel om het woord te voeren en de Profeet ﷺ zei: “Ik zweer bij Diegene die de Enige God is en die geen enkele deelgenoten kent bij Hem. Ik ben gezonden als een boodschapper temidden van jullie en de gehele mensheid. Allah (swt) is Degene die jullie zal laten sterven en jullie weer tot leven zal wekken en Hij zal jullie tot verantwoording roepen voor wat jullie hebben gedaan. Voor diegenen die goed gedaan hebben is het Paradijs en voor diegene die kwaad hebben gedaan is er de Hel.”

Er ontstonden reacties van stilte en afwijzing behalve van één persoon, hij zei:“O ware Boodschapper van Allah, hoewel ik de jongste ben en geen macht en kracht heb, desondanks zweer ik trouw aan u, O Profeet, en zal ik altijd aan Uw zijde staan.”

Op dat moment spreekt Ali zijn Shahada publiekelijk uit. De boodschap was toen ook openbaar en de Mekkanen begonnen heftiger te reageren tegen de jonge moslims. Men begon steeds groffer en vijandiger te worden. Voornamelijk Abu Lahab stond hierom bekend. Dit gebeurde totdat de volgende openbaring kwam.

13.3 De eerste publiekelijke uitnodiging op de berg Safa

“O Profeet van Allah, begin met het waarschuwen van jouw naasten”. De Profeet ﷺ riep de mensen bijeen op de berg van Safa met alle stammen en zei: “O stam van Kab, red jullie zelf van het vuur. O stam van Hashim, red jullie zelf van de hel.” En zo werd iedere persoon, familie en stam naar de Profeet ﷺ geroepen. Iedereen die aanwezig kon zijn, ging naar de Profeet ﷺ. Degenen die niet in de gelegenheid waren stuurden een vertegenwoordiger. Daar sprak de Profeet ﷺ de welbekende woorden uit: “Wat zouden jullie doen als Ik jullie zou zeggen dat er een leger klaar stond aan de andere kant van de berg.”

img_2120

De berg Safa in Mekka

 

Men antwoordde dat de Profeet ﷺ ‘al-Ameen’ is, de meest betrouwbare. Toen zei de Profeet ﷺ: “Geloof dan net zo dat Allah één God is en ik Zijn Boodschapper ben.” Dit was de eerste publiekelijke uitnodiging.

De Profeet ﷺ zei: “Ik kan jullie op geen enkele manier bijstaan jegens zijn familie. O Fatima dochter van Muhammad ﷺ. Deze uitspraak was op basis van de context. Iedereen is zelf verantwoordelijk voor het verkrijgen van de eigen Iman. O Saffiyah . Er waren al tien mensen die in deze wereld het Paradijs zijn beloofd. Fatima is ook het Paradijs beloofd maar zelf de leider van de vrouwen in het Paradijs. Imam Hasan en Imam Hussain de leiders van de jongeren in het Paradijs. Om dit benadrukken gebruikte de Profeet ﷺ de namen van zijn eigen familie. “Allah (swt) zal U zoveel schenken totdat U tevreden bent.” De Profeet ﷺ zei als dat zo is dan zal ik niet tevreden zijn todat zelfs maar één persoon van mijn Ummah in de hel zal zijn. Dit was een manier van spreken om iets duidelijk te maken aan de mensen.

13.4 De reacties van de rijken en armen in Mekka

Diegenen die niets te verliezen hadden accepteerden de boodschap van de Profeet ﷺ. De slaven, de onderdrukten, de armen, voor hen was dit een revolutionaire boodschap. Die gaf datgene in de dunya wat niemand anders hen kon geven. Deze mensen kwamen de Islam binnen. De rijken, de machtigen en de onderdrukkers wilden niets hiervan hebben. Zij werden hierdoor met hun status en positie uitgedaagd. Als reactie op de boodschap gebruikten zij methodes  van angst aanjagen, sociale druk uitoefenen en karaktermoord plegen. Abu Lahab en Abu Jahal stonden daarin vooraan samen met andere invloedrijke personen van Mekka.

13.5 De Islam van Hamza ibn Abd al Muttalib

ﷺAbu Jahal had inmiddels veel woede opgekropt  dus toen hij de Profeet ﷺ in de buurt van Safa zag begon hij hem ﷺ direct verbaal aan te vallen. De meest harde woorden gebruikte hij tegen de Profeet ﷺ. De Profeet ﷺ bleef stil en draaide zich later om en liep weg. Een slavin hoorde dit alles en zij was er verdrietig om en zij vertelde het aan de lievelingsoom van de Profeet ﷺ, Sayyiduna Hamza. Hij was een hele sterke man en een goede schutter. Wanneer hij terug kwam van zijn vele reizen deed hij altijd als eerste de Tawaf (omcirkeling) van de Kaaba. Zij wist hem daar te vinden en vertelde hem alles. Onze meester Hamza ging daarop op zoek naar Abu Jahal en sloeg hem keihard met zijn boog op het hoofd en vroeg: “Heb jij hem uitgescholden terwijl ik ook zijn zelfde Deen volg, (terwijl) ik hetzelfde zeg als hij zegt. Kom maar op als je durft.” Abu Jahl was bang en zei dat het een fout was. Abu Amara, een vriend van Abu Jahal, wilde ook op de vuist gaan maar Abu Jahal zei: “Laat hem, het was mijn fout, ik heb inderdaad slechte woorden gezegd. Amir Hamza zei: ‘”Wie is er om mij tegen te houden om de waarheid te accepteren? Een ieder die daar tegenin durft te gaan kom maar op!” Iedereen liep weg en de situatie kwam tot rust. Toen de avond viel heeft Amir Hamza gerealiseerd dat hij zich uitgesproken had over de Deen maar hij wist nog niet wat de Deen helemaal was. Toen ging hij bij de Profeet ﷺ en werd hem alles uitgelegd. Hij accepteerde de Deen en stond volledig aan de zijde van de Profeet ﷺ. Toen dit bekend was leek het alsof er nieuw leven was geblazen in de Islam en de mensen van Mekka hielden zich wat meer in.

Er is een welbekend gedicht over toen Amir Hamza Iman accepteerde en de intense blijdschap dat hij Rechte Leiding heeft mogen ontvangen. Op dat moment waren er slechts 40 mensen moslim. Temidden van deze 40 personen had iedereen unieke eigenschappen, sterker dan Amir Hamza was er nog niemand.

13.6 De bekering van Umar ibn al Khattab

De Profeet ﷺ deed een specifieke dua voor Umar op een woensdag en op de donderdag accepteerde Umar de Islam. Iemand deed een oproep om de Profeet ﷺ om te brengen voor een beloning van 100 kamelen en 1000 zilverstukken. Umar was op dat moment 26 jaar oud, zeer sterk, onbevreesd en ging op weg om voor elkaar te krijgen wat de Quraysh niet voor elkaar kon krijgen. Hij kwam onderweg iemand van zijn familie tegen en werd gevraagd wat hij ging doen. Hij vertelde het en deze persoon vertelde hem: “Ga eerste naar je familie toewant je zus is ook van dezelfde Deen”. Zijn boosheid kende geen grenzen, hij zei tegen zijn zus: “Doe de deur zo snel mogelijk open!” Hij ging naar binnen en gaf zijn zus een klap, zij viel neer en bloedde. Zijn zwager kwam en ook hij kreeg een klap, zijn razernij kende geen grenzen. Zijn zus zei: “Je mag doen wat je wilt maar wij zullen nooit afstappen van onze Deen.” Op dat moment kwam hij bij zinnen en kwam tot besef dat zij zelfs de dood in de ogen zouden kijken voor deze Deen.

Umar-bin-al-Khattab-Calligraphy-Uncategorized-001

Toen vroeg Umar om te lezen wat zij aan het reciteren waren. Zijn zus gaf hem de Quran op voorwaarde dat hij zich zou reinigen omdat het anders niet gelezen mocht worden. Hij las de Qoran verzen die erop stonden en dacht bij zichzelf; ‘dit kan niet van een mens zijn’. Hij werd daardoor geraakt en hij vroeg: ” Kunnen jullie mij naar de Profeet ﷺ brengen?” De Profeet ﷺ liet hem komen. Hij kwam binnen en viel neer bij de voeten van de Profeet ﷺ en vroeg om de Shahada te reciteren. Jibrail (as) daalde neer op dat moment: niet alleen U en uw Sahaba zijn blij maar vandaag is de schepping van de Hemelen blij en vieren feest omdat Umar de Islam heeft geaccepteerd. Umar zei tegen de Profeet ﷺ: wat is dit dat wij onze Deen verborgen moeten houden terwijl zij (de Mekkanen die tegen de Islam waren) fout zijn. De Profeet ﷺ zei: “Wij zijn met weinig mensen”. Umar zei: “Ik zweer dat ik in elke bijeenkomst waar ik in een staat was van ongeloof, ik nu zal staan in een staat van geloof.” Met deze emoties liep hij naar de Kaaba toe en deed de Tawaf. Iedereen wilde weten wat er was gebeurd in die kamer tussen  de Profeet ﷺ en Umar. Umar sprak de Shahada openlijk uit tot grote razernij van de vijanden van de Profeet ﷺ.

13.7 De onvoorwaardelijke steun van Abu Talib aan de Profeet ﷺ

Elke keer wanneer iemand naar Umar ging om slecht te spreken ging Umar naar zijn stamleider toe om die een paar klappen te geven. Umar en Amir Hamza liepen met de Profeet ﷺ en de 40 moslims naar de Kaaba. Toen werd er voor het eerst bij de Kaaba gebeden. De Quraysh hadden  meer diplomatische middelen nodig en kwamen toen bij elkaar om een plan te smeden en hadden voorgenomen naar de oom van de Profeet ﷺ te gaan, Abu Talib. Zij vertelden hem dat zij problemen hebben met zijn neefje, de Profeet ﷺ. Zij vroegen of hij wilde praten met hem om hem over te halen niet meer zo te spreken over hun afgoden en hun voorvaderen. Abu Talib kwam bij de Profeet ﷺ en zei: “Laat mij niet dragen wat ik niet kan dragen, de problemen met de Quraysh”. De Profeet ﷺ zei: ”Ook al plaatsen zij in mijn rechterhand de zon en in mijn linkerhand de maan, zal ik mijn niet inzet opgeven totdat Allah (swt) mij tot de overwinning zal leiden”. Toen zei Abu Talib: “Ga en zeg wat jij maar wilt want ik zweer bij Allah, ik zal jou nooit alleen laten en altijd naast jou staan”. Toen de Quraysh zagen dat sociale druk uitoefenen niet lukte kwamen zij wederom naar Abu Talib met een jonge man – Amara genaamd – en zeiden: “O Abu Talib, wij stellen een ruil voor. Neem Amara als zoon en geef ons Muhammad ﷺ om hem om te brengen.” En Abu Talib stuurde hen weg en zij begrepen dit niet. Toen probeerden zij op andere manieren de mensen op andere gedachten te brengen.

13.8 Materiële voorstellen van de Mekkanen aan de Profeet ﷺ

Zij stuurden Abu Walid Utba en hij ging naar de Profeet ﷺ toe en begon te slijmen. Hij zei: “U heeft er niet goed aan gedaan om te starten met deze nieuwe beweging. U noemt ons zondig, dom, onwetend en afgodenaanbidders. Er zijn splitsingen ontstaan tussen families en u ontwricht op deze manier de samenleving.

De Mekkanen hadden drie voorstellen:

  1. Als alles waar u mee bezig bent voor het verzamelen van bezit is dan beloven wij u dat wij met z’n allen zoveel bezit zullen verzamelen dat u de rijkste persoon van Mekka wordt.
  2. Als uw doel is om de mooiste vrouw te huwen dan zijn wij bereid om de mooiste vrouw te zoeken en U haar te laten huwen.
  3. Als u de heerschappij over Mekka wilt krijgen dan zijn wij bereid om U officieel als leider in Mekka te accepteren.

De Profeet ﷺ luisterde rustig tot hij klaar was en vroeg of dat alles was. Het antwoord op de voorstellen kwam in een Openbaring:

“Ha Mim, deze verzen zijn nedergedaald door de Barmhartige, waarvan de woorden in het Arabisch zijn voor een volk dat verstandig is en de boodschap is goed nieuws en een waarschuwing. Maar de meeste mensen luisteren niet en accepteren niet.”

Utba luisterde, bleef zitten en verwonderde zich over het woordgebruik en het hoogstaande niveau van Arabisch. Hij raakte onder de indruk en liep terug naar zijn opdrachtgevers, de Mekkanen. Utba ging zitten en zei in een zachte stem: “Wallahi, ik heb nog nooit zoiets gehoord. Dit is geen tovenarij of waarzeggerij. Mijn advies is: laat hem doen wat Hij doet”. Ze probeerden op hem in te praten en besloten dat ook hij betoverd was.

13.9 Nieuw voorstel van de Mekkanen

De Quraysh van Mekka bleven proberen om de Profeet ﷺ op andere gedachten te brengen door middel van diplomatie en op een gegeven moment kwam er weer een delegatie naar de Profeet ﷺ. Waleed bin Moghira en anderen hadden weer een nieuw plan bedacht. Zij wilden een middenweg vinden en dat is dat de Profeet ﷺ stopt met kwaadspreken over afgoden en zij stoppen met kwaadspreken over Allah (swt) en dat wilden zij een jaar aankijken. Voordat de Profeet ﷺ daar antwoord op kon geven kwam er een openbaring (Sura al Kafirun). Elke afwijzing was weer olie op het vuur.

13.10 De drie voorwaarden van de Quraysh om de Islam te accepteren

Zij smeden slechte plannen om de Profeet ﷺ zwart te maken. Alle leiders van de Quraysh kwamen weer bij elkaar en het plan was om de Profeet ﷺ te zeggen dat zij de Deen accepteren maar alleen als er bepaalde wijzigingen zouden zijn. De eerste eis betrof het volk en de gemeenschap. Zij werden begrensd door de bergen en er was weinig plek meer om te bouwen. Zij vroegen de Profeet ﷺ om Allah te vragen de bergen wat op te schuiven. als tweede  wilden ze dat Allah (swt) rivieren en planten zou doen laten ontstaan in Mekka. De derde eis is dat de voorvaderen van Qussay bin Qilab tot leven gewekt moest worden om te vertellen of er werkelijk een Hemel en Hel bestaat. Dit was de zoveelste manier om de Profeet ﷺ tegen te werken. De Profeet ﷺ zei: “Dit zijn niet de zaken waar ik voor gezonden ben. Datgeen waar ik voor gezonden ben, het is mijn taak om tot jullie over te brengen. Als jullie dat accepteren dan is dat een zegening op deze wereld en in het Hiernamaals. Als jullie dit afwijzen dan betracht ik geduld van de uitspraak van Allah (swt).

Zij zeide: “U bent niet rijk, waarom is er geen rijke met de boodschap gekomen? Waarom is er geen Rasool gezonden uit Taif of Mekka? Als u niet bereid bent om van gedachten te veranderen vraag dan om de Hemelen op ons neer te laten vallen zodat wij weggevaagd worden net als voorgaande volkeren. Klim omhoog naar de Hemelen en breng een geschreven document waarin staat aangegeven dat U de Gezonden Boodschapper bent.” De Profeet ﷺ stond op en liep weg. De Quraysh verspreiden de valse verhalen om de Profeet ﷺ in diskrediet te brengen.

Alleen diegene die op een voorbeeld nemen aan de Profetische manier blijven standvastig. Maatschappelijke tegenstanden gaan altijd gepaard met tegenstand.

 

You may also like...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *