Home » Sahih Bibliotheek » 7. Bemiddeling van heiligen is géén Shirk! – Shaykh al-Sayyid Muhammad Alawi al-Makki al-Maliki – Geloofsleer Series

7. Bemiddeling van heiligen is géén Shirk! – Shaykh al-Sayyid Muhammad Alawi al-Makki al-Maliki – Geloofsleer Series17 min lezen

Het doden van moslims begint bij verkettering en de ergste vorm van verkettering is een moslim beschuldigen van afgoderij (shirk) en ongeloof (kufr). Dit is een hele ernstige zaak! De Profeet ﷺ heeft tijdens de afscheidspreek de moslims verboden om elkaar te doden. Een bepaalde kleine groep fanatiekelingen stelt dat het bezoeken van graven van heiligen ongeloof is en het doen van smeekbeden bij hun graven gelijk is aan deelgenoten toekennen aan Allah. Dit gaat zelfs zo ver dat zij de hele (!) Ahlu Sunna Wa l-Jama’ah beschuldigen van afgoderij (shirk).

Dit artikel toont aan dat de QoranVerzen en Ahadith die over polytheisten gaan niet van toepassing zijn op moslims, en dat bemiddeling niet verboden wordt maar juist bevestigd wordt in de Soennah! Ons begrip van de Ahl al-Sunnah is besmet door moderne innovatie zoals het verbod op intercessie of bemiddeling. Bemiddeling is zeker geen afgoderij (shirk), maar daarbij zeggen we dat het afgeraden (makruh) kan worden wanneer iemand extreem onwetend is over zijn religie.

Wij keren terug naar onze ware geleerden zoals Shaykh Muhammad Alawi al-Maliki, die behoort tot een van de grootste en meest notabele geleerden van onze tijd. Zijn boek Notions That Must Be Corrected (Mafahim Yajib An Tusahah) werd breed ontvangen door de Oemmah en werd beschouwd als dé verwoording van de traditionele Ahl al-Sunnah. Uit het boek leest u hieronder een hoofdstuk.

De kleinzoon van de nobele Profeet ﷺ, de geleerde van Mekka, kleinzoon van de hoofdrechter van het heilige gebied Mekka, meester van de Islamitische wetenschappen, de kenner van Allah, al-Sayyyid Shaykh Muhammad Alawi al-Maliki al-Makki al-Hassani, zei in zijn mafahim tajib an tusahhah – nu beginnen de woorden van de Shaykh:

Oorspronkelijke titel: De bemiddelaar van Shirk

Veel mensen begrijpen de werkelijkheid van bemiddeling verkeerd. Zij trekken haastig de conclusie dat een ieder middel afgoderij (shirk) is, dat diegene die op wat voor manier dan ook een bemiddelaar neemt een partner aan Allah heeft toegekend en dat de status van zo’n moslim in dit geval die van de polytheïsten is die zeiden:

 أَلَا لِلَّهِ الدِّينُ الْخَالِصُ ۚ وَالَّذِينَ اتَّخَذُوا مِنْ دُونِهِ أَوْلِيَاءَ مَا نَعْبُدُهُمْ إِلَّا لِيُقَرِّبُونَا إِلَى اللَّهِ زُلْفَىٰ إِنَّ اللَّهَ يَحْكُمُ بَيْنَهُمْ فِي مَا هُمْ فِيهِ يَخْتَلِفُونَ ۗ إِنَّ اللَّهَ لَا يَهْدِي مَنْ هُوَ كَاذِبٌ كَفَّارٌ

“Wij aanbidden hen slechts opdat zij ons zo dicht mogelijk tot Allah brengen.” (Koran, Sūrat al-Zumar 39:3)

Deze conclusie is incorrect! Het gebruik van deze Vers als bewijs hiervoor is misplaatst. Dit omdat dit nobele vers overduidelijk is zijn veroordeling van de polytheïsten voor hun aanbidding[1]Toelichting Sahih: het QoranVers bevestigt in duidelijke bewoording dat er sprake was van aanbidding en dat de Arabieren het ook als aanbidding zagen. Het Vers begint namelijk met ‘Wij … Lees verder van afgoden als goden naast Allah de Verhevene, en in hun associatie van hen met Hem, bewerend dat hun aanbidding van deze afgoden niets meer is dan een manier om dichter bij Allah te geraken. De kufr (ongeloof) en shirk (deelgenoten toekennen aan Allah) van hun daden is afkomstig van de aanbidding van hun afgoden, en hun geloof dat zij goden zijn naast Allah.

Artikels in deze reeks:

Op zoek naar verdieping?

Voetnoten

1Toelichting Sahih: het QoranVers bevestigt in duidelijke bewoording dat er sprake was van aanbidding en dat de Arabieren het ook als aanbidding zagen. Het Vers begint namelijk met ‘Wij aanbidden hen slechts‘.
2Ibn Jarir al-Tabari in zijn Tafsir
3Overgeleverd door Bukhārī van Mu`awiyya (moge Allah tevreden met hen zijn
4, 6Overgeleverd door Bukhārī en Muslim van Ibn `Umar – moge Allah tevreden met hen beiden zijn
5Overgeleverd door Abu Na`īm van Ibn `Umar – moge Allah tevreden met hen beiden zijn
7Zie hieronder voor de referentie voor deze Hadīth
8Overgeleverd door Abū Dawūd en anderen, van Abū Hurayra – moge Allah tevreden met hem zijn
9Overgeleverd van Abu Ya’la, al-Bazār en Bayhaqī
10Volledige tekst van de Hadīth: “Er waren twee broers in de tijd van de Profeet ﷺ, waarvan één naar de Profeet ﷺ kwam om kennis te vergaren, terwijl de andere werkte om beiden te onderhouden. De werker vond de situatie oneerlijk en klaagde over zijn broer bij de Profeet ﷺ, die antwoordde: “Het zou zo kunnen zijn dat jullie voedsel ontvangen omwille van hem.”
11Overgeleverd door Tabarānī, Abu Na`īm en al-Wadā’i met een goede (hasan) overleveringsketen
12Overgeleverd door ibn Jarīr al-Tabarī in zijn tafsīr
13, 17Overgeleverd door Tabarānī
14Een dienaar van de Profeet ﷺ
15De Vervangers, uitleg van hun status is te vinden in de Hadīth hieronder, overgeleverd door Anas ibn Mālik
16al-Hasan al-Basrī d. 110 AH, één van de Tabi`īn
18De Profeet Ibrāhīm vrede zij met hem
19Overgeleverd door Tabarānī. Dit zijn de Abdāl (Vervangers

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *